Zo … de Tweede Kamerverkiezingen zijn voorbij. Zelden was er zoveel onrust rondom het binnenhalen van stemmen. Het was onmogelijk Tik-tok filmpjes, dansjes, liedjes en voorspelbare debatten te ontlopen. En nog steeds is het hectisch. Want wie gaat met wie regeren?
Gaan we over links of over rechts? Yesilgöz is een feeks genoemd door een van de formateurs: paniek. Wanneer gaat de focus naar het landsbestuur in plaats naar (partij) belangen en het spel om te blijven zitten waar je zit?
Ik behoor tot de 29% van de mensen die geen vertrouwen meer heeft in de politiek en heb blanco gestemd.
Al filosoferend realiseer ik me dat mijn gevoel bij politiek lijkt op wat ik vroeger voelde bij het geloof. Als gereformeerd meisje was Jezus mijn vriend. Ik droomde over de verhalen uit de kinderbijbel en mijn dagelijkse kindergebed was lang en vol hoop. ‘God houdt van alle mensen’, dacht ik. ‘Hij behoedt ons voor zorgen en verdriet’.
Ik begreep dan ook niet waarom mijn ouders altijd ruzie maakten, één van de zusjes ernstig ziek was en wij arm waren: ‘waar blijft God?’.
Mijn twijfel aan de almachtige Jezus groeide en mijn vertrouwen slonk. Zo rond de pubertijd liet ik het geloof los.
Eenmaal aan de macht vervagen idealen
In mijn volwassen leven gebeurt hetzelfde met politiek. Ook daar begin ik met vertrouwen. Ik luister naar mensen met overtuiging, met idealen en principes wanneer ze spreken over rechtvaardigheid, zorg, duurzaamheid en ik denk: ‘ja, zo zou het moeten’.
Maar eenmaal aan de macht vervagen de idealen. Toch blijf ik heel diep van binnen hopen dat macht dienstbaar kan zijn, net zoals geloof ooit bedoeld was. Dat de één de ander optilt, in plaats van over de ander te heersen.
Ik zie een verband:
Zowel in het geloof van mijn jeugd als in de politiek van nu, worden beloftes gedaan maar in beide gevallen niet waargemaakt. Het is hetzelfde soort vertrouwen in iets groters en dezelfde ontgoocheling die volgt als het niet wordt nagekomen.
Misschien bekijk ik het leven met kinderlijke eenvoud. Waarom wordt er geen verantwoording afgelegd voor gedane beloftes en waarom wordt vertrouwen niet gemeten en teruggekoppeld? Een vast moment zou mooi zijn, waarop de politiek eerlijk reflecteert: wat ging goed, wat ging mis, en wat doen we eraan? Mij zou dat helpen opnieuw vertrouwen te krijgen, niet in de beloften, maar in de betrouwbaarheid van de mensen erachter.
Macht is op zichzelf niet slecht (het kan een middel zijn om iets goeds te doen), maar het is geen doel op zich.
Waarschijnlijk ook weer te naïef gedacht, maar ik had lang het idee dat volksvertegenwoordigers hun taak met trots en toewijding vervullen. Ze hebben deze functie immers gekozen om iets wezenlijks voor het land, de medemens, te betekenen? Ik blijf hopen en wachten op beleidsmakers die doen wat ze beloven.
‘Iedereen kan groots zijn … want iedereen kan dienstbaar zijn. Daarvoor is geen scholing nodig. Je hebt alleen een groot hart nodig. Een liefdevolle ziel’
Martin Luther King