Elke vrijdagochtend stapt Mini (74), samen met haar dipgroep het ijskoude Gooimeer in. “Iedereen kan dit,” zegt ze stellig. “Op élke leeftijd.” Die overtuiging maakte haar vorig jaar tot het gezicht van de SIRE-campagne ‘Je bent nooit te oud om te leven’. Geen toeval: Mini is het levende bewijs dat je met 74 nog midden in het leven kunt staan. Elke dag kiest ze opnieuw voor beweging, nieuwsgierigheid en vrijheid.
Doorzetten en blijven leren
Mini’s pad nam regelmatig een nieuwe wending. In 1968 ging ze naar de Montessori kleuterkweek, maar na een paar stages twijfelde ze. “Met zeventien jaar vond ik het allemaal wel een beetje eng. Met de kindjes was het heel leuk, maar die gesprekken met ouders…”
Ze stapte over naar een reisbureau waar ze de ticketverzorging deed, maar stopte met werken toen haar oudste zoon werd geboren. Pas jaren later, bij woningbouwvereniging Almere, vond ze werk dat écht bij haar paste: huur- en bewonerszaken, problemen oplossen, mensen helpen. “Je kende je bewoners en daar deed je je best voor.” Maar toen de verharding in de wijken toenam, maakte ze een keuze: ze wilde terug naar het onderwijs.
Ze begon als leesmoeder op de school van haar zoon en wist al snel: ‘dit wil ik echt’. Binnen tweeënhalf jaar deed ze de deeltijd PABO. Elke maandag en dinsdag, plus de avonden. “Als ik een boek moest lezen, ging ik bij de televisie in een hoekje van de kamer gewoon lezen terwijl de anderen tv-keken.” Ze begon in 2001 als leerkracht.
Een onverwachte tegenslag
In 2003, twee jaar nadat ze als leerkracht begon, rende Mini op een warme dag de koude zee in bij Egmond. Een hersenbloeding volgde, maar haar man was alert en redde haar leven. Na een succesvolle operatie werd Mini elke drie jaar gecontroleerd. En toch: ze ging gewoon door. “Ik leef niet met angst, maar ik zorg dat mijn lichaam niet de enorme schrikreactie van kou krijgt.”
Ze bleef leerkracht tot ze in 2011 met pensioen ging. Ze gaf daarna nog jarenlang bijles aan dyslectische jongens bij haar thuis. “We zongen Engelse liedjes en ze mochten hier met de kat over de grond rollen. Heerlijk ongedwongen, zoals onderwijs eigenlijk moet zijn.”
Pensioen; elke dag vol mogelijkheden
Mini is sinds ze met pensioen is, allesbehalve rustig. “Ik slaap nooit een ochtend uit, want ik heb gewoon zoveel te doen.” Ze begint haar dag met sudoku en Duolingo voor Spaans. “Ik doe dat allemaal gratis, dus ik moet die reclames afluisteren. Terwijl ik wacht, doe ik oefeningen met mijn armen om soepel te blijven.”
Ik slaap nooit een ochtend uit, want ik heb gewoon zoveel te doen
Twee keer per week doet ze yogales bij haar schoondochter. “Ik zou iedereen aanraden zo’n yogales te bezoeken. Je komt zo verschrikkelijk lekker tot jezelf.” Ze is ook fan van de ademhalingsoefeningen van Wim Hof. “Ik kan op mijn leeftijd nog wel tot anderhalve minuut mijn adem rustig inhouden.”
En dan is er natuurlijk het koudwaterdippen, dat ze elke vrijdagochtend doet samen met haar groep. “Daar zit ook nog een vrouw van tachtig bij. Iedereen kan dit doen, op elke leeftijd.”
De SIRE-campagne: een boegbeeld van 74
Via die koudwaterdipgroep kwam Mini in contact met een fotograaf die mensen in het water wilde fotograferen voor SIRE. Het resultaat: Mini werd het gezicht van de campagne ‘Je bent nooit te oud om te leven’.
“Op Instagram van SIRE staat een interview met mij, waarin ik vijf dingen noem waarvoor je nooit te oud bent. Ook op Facebook ben ik een soort boegbeeld voor SIRE. Ik hoef er geen geld mee te verdienen, ik vond echt dat ik een bijdrage kon leveren aan deze campagne.” (verhaal gaat verder onder de video).
Vrijheid versus structuur
Mini mist soms het sociale aspect van werken. “Toen ik bijles gaf, kwamen die jongens op woensdagen en donderdagen hier eten. Maar toen ik een keer op een Montessorischool liedjes ging zingen, merkte ik dat ik de leerkracht stoorde met mijn eigen aanpak. Toen dacht ik: óf je gaat ergens solliciteren, maar dit ga je niet meer doen. Ik ben ook zo aan mijn vrijheid gewend.”
Blijf bewegen, blijf nieuwsgierig, blijf genieten. Op je eigen manier, in je eigen tempo.
Die keuze voor vrijheid betekent ook accepteren wat wel en niet bij je past. “Ik deed jarenlang mee met koortjes, maar dan is het weer elke woensdagavond helemaal naar Almere Buiten. Dus ben ik afgehaakt. Nu zing ik als het uit komt én op mijn eigen voorwaarden.”
Klein beginnen is groot genoeg
“Vroeger dacht ik dat ik grote dingen moest doen, maar beweging hoeft niet per se sporten bij een club te zijn. Als je staat te wachten, beweeg dan je armen. Voel wat je voelt. Kleine bewegingen kunnen net zoveel doen als grote.”
Ook voor de rest geldt: het hoeft niet perfect. “Ik kon vroeger nooit goed poppetjes tekenen. Dat begint als je negen jaar bent, dat je ziet dat het niet lukt. Maar ik kan wél schilderen. Daar ben ik nu weer mee bezig.”
Luister naar je lichaam
“Na mijn hersenbloeding kreeg ik te horen: overal waar ‘TE’ voor staat – té koud, té heet, té veel – moet je niet doen. Maar dat betekent niet dat je niks meer mag. Het betekent dat je bewust moet zijn, dat je je lichaam de tijd geeft.”
Ze past dat toe op alles. “Bij shihatsu kreeg ik te horen dat ik een geblokkeerde meridiaan heb. Daarom kan ik niet in kleermakerszit zitten. Niet een te lang been zoals dokters altijd zeiden, maar een meridiaan. Je lichaam vertelt je dingen, luister er naar.”
Als Mini iets duidelijk maakt in het gesprek, dan is het wel dat je op je 74ste nog volop kunt leven. “De SIRE-campagne was perfect: je bent nooit te oud om te leven. Daar sta ik voor. Blijf bewegen, blijf nieuwsgierig, blijf genieten. Op je eigen manier, in je eigen tempo.”
Wil je ook je verhaal vertellen?
Heb je een inspirerende pensioenervaring? Deel het! Neem contact op voor een interview.
