Ervaringen

Eenmaal in het vrijwilligerscircuit heb je een wereld aan dingen waar je uit kunt kiezen

Eenmaal in het vrijwilligerscircuit heb je een wereld aan dingen waar je uit kunt kiezen

Anneke Plat (65) geeft voetbaltraining aan kinderen met een verstandelijke beperking bij de voetbalclub HS’88 in Hoogezand-Sappemeer. Het werken met kinderen houdt haar jong en in beweging.

“Het idee om voetbaltraining te geven aan kinderen met een verstandelijke beperking (G-voetbal) ontstond omdat ik werd getipt door iemand met wie ik zelf altijd sportte. Ze zochten nieuwe vrijwilligers bij het G-voetbal en toen ben ik gaan kijken. Dat is inmiddels al vier jaar geleden, ik ben blijven hangen. De kinderen zijn altijd zichzelf en vaak heel spontaan. De meesten van hen komen blij aan op de training en vertrekken ook weer blij.

Ondanks hun beperking, zie ik de kinderen niet als een aparte groep in de samenleving. Deze kinderen horen bij het leven van alledag. De voetballers die bij ons voetballen zijn ingedeeld op leeftijd en niveau. De kinderen en volwassenen trainen apart. Ik geef zelf voetbaltraining aan de ‘zwakste’ groep kinderen. Het wedstrijdelement is bij hen minder belangrijk. Het gaat niet om winnen, maar vooral om sport, spel en plezier. We doen van alles met een bal, maar spelen ook weleens een tikspelletje.

De training op maandagavond is maar een klein onderdeel van mijn week, dus ik ben als vrijwilliger ook nog bij andere projecten betrokken. Het voordeel is dat het allemaal erg leuk is om te doen, maar dat ik niet meer de verantwoordelijkheid draag die ik in mijn oude baan had.”

Van werk naar AOW

“Ik ben pedagogisch medewerker en leerkracht in het basisonderwijs geweest tijdens mijn werkzame leven. Beide banen waren erg leuk en ik heb er veel van geleerd. Toch ben ik op mijn zestigste vervroegd met pensioen gegaan omdat mijn man ook al was gestopt met werken. Zo hebben we samen meer tijd. De regels rondom de AOW zijn inmiddels veranderd waardoor ik een half jaar geen AOW krijg, maar dat maakt gelukkig niet uit. Ik realiseer me dat dat een luxe positie is.

Toen mijn man stopte met werken pakte hij ineens dingen op die normaal mijn pakkie aan waren. Hij ging meer koken en schoonmaken. Dat was natuurlijk heel fijn, maar ik moest er wel aan wennen. Vervolgens stopte ik een paar jaar later ook met werken, dus toen zal hij wel gedacht hebben ‘Daar heb je haar weer!’.”

Normale training met wat aanpassingen

“Ik ben bewust gestopt met werken, maar soms mis ik mijn oude baan nog wel. Toch is het leuk dat ik bij de voetbaltraining ook met kinderen werk. Als vrijwilliger bij het G-voetbal is het belangrijk om enthousiast te zijn. Daarbij moet je je verdiepen in wat het inhoudt. Ondanks dat je bijvoorbeeld enthousiast moet zijn, is het bij een jongentje met autisme weer niet verstandig om zomaar op hem af te komen en hem een schouderklopje te geven.

Het is fijn als vrijwilligers al iets met kinderen hebben gedaan omdat je dan vaak makkelijker het overzicht kan houden. Dat heb ik geleerd toen ik leerkracht was. Dan sta je er ook alleen voor met een hele klas. Dat vind ik een leuke uitdaging, hoe groter de groep, hoe beter!

Het enthousiasme dat ik bij de kinderen zie, geeft mij veel plezier. Maar soms moet ik weleens iemand afremmen. De kinderen zijn vaak moe van een lange dag op school en door hun handicap is hun energie sneller op. Ze zijn bijvoorbeeld eerder kortademig. Dat is anders dan bij voetbaltraining voor kinderen zonder beperking.”

Geen vast ritme is heerlijk

“Toen ik net met pensioen was, dacht ik dat er misschien wel mensen naar mij toe zouden komen die me nodig hadden. Dat bleek niet zo te zijn, ha ha. Ik kwam er achter dat er heel veel vrijwilligerswerk te doen is, maar dat je er wel zelf op uit moet gaan om wat te vinden. Als je eenmaal in het ‘circuit’ zit, dan heb je de wereld aan dingen om uit te kiezen. Maar de eerste stap moet je zelf zetten. Er is bijvoorbeeld veel vrijwilligerswerk in de ouderenzorg, maar ik werk zelf liever met jongeren. Dat houd mij ook jong en door iets met sport te doen blijf ik ook nog in beweging.
Na mijn pensioen had ik wel het gevoel ergens bij te willen horen. Status is en groot woord, maar als je een baan hebt dan ben je iets en doe je iets. En toen was ik AOW-er. Maar nu ben ik vrijwilliger en daar voel ik me goed bij. Het geeft zin aan mijn leven en geeft me energie. De hele dag op een camping zitten is ook niet leuk. Elke dag is anders. Vroeger leefde ik volgens een strak ritme. Nu denk ik soms: ‘Was het nou een of twee weken geleden dat ik de bedden heb verschoond?’. Ik heb geen vaste dagen meer, en dat is heerlijk.

Een keer in de week geef ik op maandagavond training. We hebben zelfs nog ruimte voor nieuwe kinderen, dus wie nog iemand kent, mag gerust een keertje komen kijken bij de training!”

Tekst en foto’s: Sophie Louise de Groot